Van AMS naar Qnect: nieuwe omgeving voor de RI&E vanaf 26-11-2026
26 november is de richtdatum waarop we overstappen van het huidige Arbomanagementsysteem (AMS) naar Qnect, de vernieuwde... lees meer »
26 november is de richtdatum waarop we overstappen van het huidige Arbomanagementsysteem (AMS) naar Qnect, de vernieuwde... lees meer »
Het stapelen van kratten en dozen op pallets zorgt voor een forse fysieke belasting. De geldende normen worden daarbij... lees meer »
De Nederlandse Arbeidsinspectie heeft het thema Werkdruk en ongewenst gedrag in de Arbocatalogus Vlees en Vleeswaren... lees meer »
Vanaf eind mei 2024 gelden nieuwe regels voor het werken met stoffen die gevaarlijk zijn voor de voortplanting, ofwel de ‘reprotoxische stoffen’. Bij onvoldoende maatregelen kunnen deze stoffen leiden tot verminderde vruchtbaarheid, miskramen, vroeggeboortes en beschadiging van het (ongeboren) kind. De strengere regels die al langere tijd gelden voor kankerverwekkende stoffen en voor stoffen die het erfelijk materiaal kunnen beschadigen, zijn nu ook van toepassing op reprotoxische stoffen.
Zo mag er nu alleen nog maar met reprotoxische stoffen worden gewerkt als de werkgever heeft aangetoond en heeft vastgelegd dat vervanging technisch niet uitvoerbaar is. Vervolgens moet de blootstelling altijd zo laag zijn als technisch mogelijk.
Verder moet bij onvermijdbaar gebruik van deze stoffen voortaan ook geregistreerd worden:
De volgende registratieverplichtingen golden overigens al eerder voor reprotoxische stoffen:
Reprotoxische stoffen zijn te herkennen aan de volgende H-zinnen op het etiket van de stof en in het veiligheidsinformatieblad van de leverancier:
NB: het is aan te raden om stoffen die verdacht reprotoxisch zijn op dezelfde manier te benaderen als stoffen die bewezen reprotoxisch zijn.